Post van Weldadigheid

Bent u één van die miljoen Nederlanders die een voorouder heeft in de Koloniën van Weldadigheid? Veel nazaten gaan op zoek naar het lief en leed van hun voorouders. Helpt u mee die gegevens vindbaar te maken?

Stand van zaken

  • 135.321 scans
  • 473 deelnemers

  • 57.429
    • 57.6% Onbruikbaar
    • 42.4% Dubbel ingevoerd
    • 42.4% Gecontroleerd
    Dubbel ingevoerd 100%
  • 57.429
    • 57.6% Onbruikbaar
    • 42.4% Dubbel ingevoerd
    • 42.4% Gecontroleerd
    Gecontroleerd 99.9%
Pim Erbee - Drents Archief

Pim Erbee - Drents Archief

In vogelvlucht - de Kolonioloog

Even kort voor velehanden-bezoekers die weinig of niets weten van de koloniën: de Maatschappij van Weldadigheid (verder de Maatschappij) werd in 1818 opgericht om 'onze verarmde natuurgenoten' te helpen. Ze wilde de armen 'opbeuren' uit de 'zedelijke verbastering' waar ze door hun jarenlange armoede in terechtgekomen waren. Dat moest gebeuren door hen werk, huisvesting en onderwijs te bieden.

De Maatschappij riep de burgers in het land op om een stuiver per week opzij te leggen. Met het zo gevormde kapitaal zouden 'landbouwende kolonies' worden opgericht. Het sloeg enorm aan. Na drie maanden waren er al 14.000 contribuanten.

Nog in 1818 richtte de Maatschappij de proefkolonie Frederiksoord op, 52 kleine hoeves met elk een lapje land eromheen. In 1819 werd dat uitgebreid met vijftig extra huisjes, in 1820 werd de kolonie Willemsoord gesticht en in 1821 Wilhelminaoord. Met nog wat kleinere kernen als Willemsoord-Steggerda en Boschoord erbij, kwamen er rond de 440 kleine hoeves tot stand.

Daar kwamen gezinnen, vaak aangevuld met weeskinderen. Er woonden zo'n 2500 à 3000 mensen. Omdat de gezinnen er op vrijwillige basis kwamen, werden Frederiksoord, Willemsoord en Wilhelminaoord ook wel aangeduid als 'de vrije koloniën'. Dat is wel een negentiende eeuwse vrijheid dus inclusief betutteling en streng toezicht.

Vanaf 1822 volgde de Maatschappij een andere lijn, ze ging grote gestichten bouwen. In 1822 op de Ommerschans, een verlaten vesting bij Ommen. Daar kwam een bedelaarsgesticht dat op den duur plaats zou bieden aan een dikke tweeduizend bewoners. En in 1823-1825 drie grote gestichten in Veenhuizen, bestemd voor weeskinderen, bedelaars, arbeiders en militaire veteranen. In de kolonie Veenhuizen woonden gemiddeld zesduizend mensen.

In 1859 nam de Staat der Nederlanden de gestichten op de Ommerschans en in Veenhuizen over en werden het Rijksinrichtingen voor bedelaars en landlopers. De vrije koloniën Frederiksoord, Willemsoord en Wilhelminaoord bleven altijd in het bezit van de Maatschappij van Weldadigheid.

Er kan over de activiteiten van de Maatschappij verschillend geoordeeld worden, sommigen benadrukken de succesvolle kanten, anderen zien het louter als een mislukking. Ik kom daar later nog eens op terug, maar vastgesteld kan in ieder geval worden dat het een van de grotere landverhuizingen in de Nederlandse geschiedenis geweest is.

Én een fascinerende geschiedenis. Die dankzij het uitgebreide en goed bewaard gebleven archief bijna van dag tot dag te volgen is.

Meer weten over de koloniën van weldadigheid? Op vrijdag 17 april 2015 is op NPO 2 de uitzending van 'Land zonder Paupers', een aflevering uit de NTR-serie De IJzeren Eeuw, welke aflevering geheel gewijd is aan de koloniën. Met een ballonvaart boven de kolonie, met de huidige Maatschappij van Weldadigheid-directeur Jan Mensink, met ondergetekende in een bootje (wat ben ik verbrand die dag!), met ex-premier Ruud Lubbers over zijn familie in Veenhuizen, en met de speurtocht naar kolonist Klaas Visser (waarover volgende keer meer).

Wil Schackmann