Post van Weldadigheid

Bent u één van die miljoen Nederlanders die een voorouder heeft in de Koloniën van Weldadigheid? Veel nazaten gaan op zoek naar het lief en leed van hun voorouders. Helpt u mee die gegevens vindbaar te maken?

Stand van zaken

  • 135.321 scans
  • 473 deelnemers

  • 57.429
    • 57.6% Onbruikbaar
    • 42.4% Dubbel ingevoerd
    • 42.4% Gecontroleerd
    Dubbel ingevoerd 100%
  • 57.429
    • 57.6% Onbruikbaar
    • 42.4% Dubbel ingevoerd
    • 42.4% Gecontroleerd
    Gecontroleerd 99.9%
Wil Schackmann

Wil Schackmann

Het Paasoproerfeuilleton, afl 4

‘Tot zoo verre het verhaal van het gebeurde,’ aldus Wouter Visser, ‘mij door den Hr Kluvers gedaan, des morgens omstreeks negen uren, en wel aan het derde Etablissement, waar ik des avonds te voren laat van het 1e Gesticht was aangekomen.’

Visser beseft dat hier moet worden opgetreden en dat hij dat zelf zal moeten doen. Hij stelt Kluvers min of meer op non-actief, ‘aan den Adjt. Direct. zeggende, dat ik de verdere leiding der zaak geheel op mijne rekening nam’. En hij treft enkele voorzorgsmaatregelen.

Het is zijn voornemen ‘dat wat er ook gebeurde des avonds geen brood zoude worden verstrekt’ en daarom wil hij dat er die avond ook geen brood uit de bakkerij naar het gesticht gebracht wordt. De keukendeuren zijn immers niet zo betrouwbaar gebleken. Het betekent concreet dat er of die dag geen brood gebakken wordt of dat het in de bakkerij blijft. Er zijn in Veenhuizen twee bakkerijen, eentje die brood bakt voor het eerste gesticht en eentje die dat doet voor het tweede en derde. Ze staan allebei apart, een eindje van de hoofdgebouwen af.

De andere voorzorgsmaatregel van Visser is dat hij contact opneemt met kapitein Thonhäuser. Johannes Thonhäuser is een oude ijzervreter en al sinds de eerste militaire veteranen zich in 1826 te Veenhuizen vestigden de ‘Kommandant der Veteranen’. Hij is geboren en diezelfde dag gedoopt op 1 november 1767 en op dit moment dus 72 jaar oud. Die geboorte had plaats gevonden in Themar, een plaatsje in Thüringen, Duitsland.

Vermoedelijk heeft hij eerst in andere legers gezeten, maar vanaf 1793 is hij in Nederlandse krijgsdienst. Terwijl hij langzaam opklimt in rang neemt hij deel aan diverse veldtochten en raakt hij ‘geblesseerd bij de Actie van Castricum den 6e van wijnmaand 1799’. In 1807 wordt hij benoemd tot ‘ridder van de Koninklijke orde van Holland’. Het kan zijn dat daar op de kolonie iets van te merken valt, want artikel 11 van de statuten van die orde schrijft voor: ‘De ridders zullen nooit in het openbaar verschijnen, zonder het onderscheidend teeken van hunne graad te dragen.’ Dus misschien loopt hij door Veenhuizen met die orde ‘met een hemelsblaauw gewaterd lint op de linkerborst vastgemaakt’, want dat is de voorgeschreven draagwijze.

Na het overlijden van zijn eerste echtgenote is hij in 1825 op zijn 57e hertrouwd met de 21-jarige Nijmeegse  Hendrina Theodora Odilia Bos. Een jaar later solliciteert hij bij de Maatschappij. ‘Onderrigt zijnde dat er een officier, hetzij gepensioneerd of in activen dienst, zal aangesteld worden, om het Kommando en toezigt over de Veteranen, welke overeenkomstig met het Gouvernement gesloten kontract, in de Kolonie te Veenhuizen zullen gehuisvest worden, ben ik zoo vrij... (...)’

Zijn dan al gevorderde leeftijd wordt geen bezwaar gevonden en inderdaad voldoet Thonhäuser zeer goed. Hij houdt de wind er bij de veteranen stevig onder en hij is uitermate gehoorzaam jegens de permanente commissie. Later zal die hem zelfs voordragen voor een lintje en wordt Thonhäuser ridder in de orde van de Nederlandse leeuw, maar dat is pas na de opstand van 1843 en dat is een heel ander verhaal en we zijn nu bij het paasoproer van 1840 en de voorzorgsmaatregelen die Wouter Visser neemt.

Die verlangt nu dat Thonhäuser zelf, samen met ‘eenige der sterkste en vertroutsten Veteranen, ieder ogenblik tot mijnen dispositie moesten zijn’. En Thonhauser moet er op voorbereid zijn dat hij een order zou kunnen krijgen om ‘des noods al de Militairen onder de wapenen te brengen’.

En na dat allemaal geregeld te hebben, gaat Visser ‘omstreeks elf ure’ naar het tweede gesticht.

  • Wil Schackmann

    Wil Schackmann

    Er zijn in de wereld van de soap drie soorten cliffhangers. In opklimmende grootte: de dag-cliffhanger, die mensen moet overreden om de volgende dag weer te kijken, de vrijdag-cliffhanger, waardoor mensen na het weekend weer inschakelen, en de zomer-cliffhanger die kijkers over de zomervakantie heen moet tillen. Die laatste valt al meteen af, want de zomer haal ik niet en die middelste hebben we ook niet nodig, want ik kan aankondigen dat het feuilleton dit weekend gewoon elke dag doorgaat!

    Hartelijke groet,

    Wil

  • Theo Zelders

    Theo Zelders

    Ik geniet van je verhaal, Wil.

    Theo