Wie Woont Waar – bevolkingsregisters Zeeland 1900 – 1938

Help het Zeeuws Archief om de gegevens uit bevolkingsregisters beschikbaar te stellen voor iedereen met Zeeuwse roots en voor tal van onderzoekers!

Stand van zaken

  • 140.217 scans
  • 700 deelnemers

  • 99.923
    • 10.8% Onbruikbaar
    • 71.3% Dubbel ingevoerd
    • 71.3% Gecontroleerd
    Dubbel ingevoerd 82.1%
  • 99.923
    • 10.8% Onbruikbaar
    • 71.3% Dubbel ingevoerd
    • 71.3% Gecontroleerd
    Gecontroleerd 82%
yvonnelmc

yvonnelmc

In de reeks oude beroepen:

Laatst bijgewerkt op: 

Bakkersbrasem 
Leerjongen bij een bakker

Barbouillier
Kladschilder, schilder op laag niveau.

Bargeschipper
Schipper op een barge, een klein binnenschip

Betaalmeester
Voor 1925 een ambtenaar in Nederland die belast was met het overnemen van alle
ontvangsten van Staat en Prov., hetzij van de ontvangers die ze hadden ingevorderd,
hetzij van de schuldenaren zelf; de betaalmeesters verrichtten ook alle betalingen
voor Rijk en Prov. waartoe geen aparte comptabelen waren aangewezen. Bron ensie

Binnenvader en -binnenmoeder, ondermoeder
Man en vrouw (echtpaar) die de dagelijkse leiding hebben over een weeshuis of andere zorginstelling waarbinnen mensen wonen

Blaffeneur
Vlaams voor stukadoor

Blokmaker
Ambacht in de scheepsbouw voor het vervaardigen van Blokken of katrollen in een Blokkenmakerij

Bureau-oppasser
Zoiets als een secretaris/secretaresse. Iemand die de ruimte beheert voor het kantoor van een officier. Bezoekers dienen zich te melden bij de oppasser.

Cargadoor
Scheepsbevrachter

Ceelwachter/-wagter
Waarschijnlijk heeft het iets te maken met het innen van gelden, in de zin van belastingen. Iemand die als Ceelwachter was aangesteld, moest dan ook een formele eed afleggen. Ik zie vermeldingen van ceelwachters op bijv. molens in Vlissingen.
Mogelijk afgeleid van het Franse cédule. Rekening; bewijsstuk op basis waarvan een (in een pakhuis) opgeslagen zaak moet worden uitgeleverd. zie ook post van Petra dd 12-03-2022 waarin de door Coby, Josina en Foort verzamelde info is weergegeven. En de last post van Foort D 07-04-2022

Commensaalhoudster
Iemand die kostgangers houdt

Commies (Kommies)
Vml. ambtelijke rang in Nederland. Administratieve ambtenaar van middelbare rang
lager dan een referendaris, hoger dan klerk
Ook: lid van het Korps Grensjagers, opgericht in 1814, 300 vml. gepensioneerde militairen
die gebruik maakten van zgn commiezenpaden om de toenemende smokkelarij langs de
tegen te gaan.
bron: wikipedia

Commies Loyer
Ambtenaar voor het innen van huur van panden, kamers etc.

Conducteur der Artillerie.
Later: bombardier.
Tegenwoordig: batterijwachtmeester: Iemand die het overzicht houdt op een aantal
vuurmonden/kanonnen

Factoor, brievefactoor
1. Iem. die voor rekening van anderen handel drijft, zaakgelastigde, vertegenwoordiger
2. brievenbesteller
bron: Ensie.nl

Flankeurs 
Leden van een militaire eenheid met een specifieke taak.
 Dit type soldaat, de lichte infanterist, was ontstaan aan het eind van de 18e eeuw. Zij hadden de taak om heel actief aanwezig te zijn, gericht te kunnen schieten en veel eigen initiatief te tonen.
Zeer geliefd bij (studenten-)vrijwilligers van 1814-1815 en 1830
Bron: Wikipedie

Fourier
Onderofficier, die voor de inlegering, wapening, fouragering, kleeding, enz. der
compagnie zorgt, en tevens compagnieschrijver is

Fraiser
Metaalbewerker
bron: Encyclo.nl

Gareelmaker
Ambachtsman die alle soorten paardentuig uit leder vervaardigt.
Garelen, hamen en riemen behoren tot zijn voornaamste producten.

Gelaagwerker
Een gelaag of een steengelaag is de gehele uitgestrektheid van een steenbakkerij
met gronden alles wat er toe behoort.
De arbeiders heetten er gelaagwerkers of steenbakkers.
Bron: http://blog.seniorennet.be/blyweert/archief.php?ID=37

Gegageerde wordt niet ingevoerd
Gagement= Pensioen, voornamelijk van onderofficieren en manschappen. Zoo zegt men in plaats van gepensioneerde- gegageerde
Bron: Militair woordenboek (1861-1862) H.M.F. Landolt, via www.dbnl.org

Geweldiger
Lieutenant Geweldiger: Kapitein Geweldiger is de opperste veldrechter

Gezworen
Een beroep, dat in het verleden meestal samenging met dat van chirurgijn.
Daarom werd er gesproken van gezworen roedragende bode of roedrager;
Ook: bestuurder van een waterschap

Grof- en hoefsmid. 
De grofsmid maakte het ijzerwerk voor boerenkarren, de ijzeren repen rond de houten wielen, maar ook handgereedschappen zoals turfschop, krabzeis, meststik en houthak (dissel).

Hel(le)ba(a)rdier
Soldaat die bewapend is met een hellebaard, van oorsprong een middeleeuws wapen, bestaande uit een 
houten stol met een ijzeren punt met daaronder tegenover elkaar een bijl en een haak.

Hengstenleider
Zie post van 26-01-2022 van Astrid v.d. W.

Hoornblazer
B
estaat natuurlijk nog steeds, maar het wordt hier als (volledig) beroep vermeld,
in een reeks met militaire rangen

Hor(o)log(i)emaker
Klokkenmaker

Huurhouder
m. (-s), (Zuidn.) stalhouder, rijtuigverhuurder.
Bron: Groot Woordenboek der Nederlandse Taal, 1950

Inlandsche kramer
Persoon met officiële vergunning om met handel langs de deuren te gaan of op de markt te staan. De producten, die ze verhandelden kunnen van velerlei soort zijn. Na de Franse tijd moesten zij Patentbelasting betalen en zich in een Patentregister laten registreren

Kantenier of Kantonnier
Wegwerker opzichter bij weg- of dijkwerk

Ketelboeter of ketellapper
Repareert (koperen) pannen en ketels

Kino operateur
Vertoont films in de bioscoop

Klinker
Iemand die klinknagels vast slaat voor geklonken stalen of houten constructies.

Kloefklapper
Klompenmaker; Vlaams: lomperd, In sommige dialecten ook: een slechte kapper.

Koeimelkster
Spreekt voor zich

Koewachter
Koeienoppasser, kinderarbeid

Kolenmeter 
Oorspronkelijk een officieel en 'gesworen' persoon, die met behulp van de 'kool-maate' de hoeveelheid kool vaststelde.
Zie ook post van Foort, 18-03-2022 

Kooiker, kooiman
Eendenkooihouder

Koopman in galanterieën
Verkoper van allerlei voorwerpen van weelde, artikelen van mode en smaak,
sierlijke snuisterijen enz., ter versiering eener welingerichte woning, of ook tot opschik en tooi.

Lantaarnopsteker
Spreekt voor zich

Leurder.
Iemand die langs de huizen koopwaren vent.

Lijnwerker
Arbeider die aan spoor-, telegraaf- of telefoonlijn werkt.

Loodsafhaalder
Spreekt voor zich

Maljenier
Verkoper van ijzerwaren

Manufacturier
Eigenaar van een manufactuur: werkhuis of fabriekshuis, waar een aantla mensen een bezigheid uitoefenen die voordien als huisnijverheid werd verricht. Kenmerkend was de lage mechanisatiegraad en de geringe maar
ook: Lappenman
en: manufacturenwinkel. Hier verkochten ze van alles wat met naaien en breien te maken had,
van stoffen tot garen, knopen, ritssluitingen, breiwol, breinaalden enz. 

Marsdrager
Venter, straatkoopman

Meekrap of meedrager, -droger, -stamper
Meekrap is een gewas waarvan de wortels rode kleurstof leverden, vooral geteeld op Schouwen-Duiveland ,
minder elders in Zeeland. De wortels werden gedroogd in een
droogtoren en dan verpulverd met grote stampers, door paarden aangedreven.
Dit verwerken gebeurde coöperatief, later industrieel en was winstgevend tot ca.1875,
toen de synthetische kleurstoffen de markt volledig overnamen. (Bron: www.tillo.be)

Muziekmeester
Zie voor een mooi verhaal over de Vlissingse Muziekmeester Okko Jacobus Bekker de
post van Astrid v.d. W. dd. 04-03-2022

Naaimatresse
Handwerklerares (in een weeshuis)

Negociant (négociant)
Een wijnhandel of wijnspeciaalzaak koopt partijen wijn in en koopt deze dan weer inkleinere hoeveelheden door aan horeca, particulieren en bedrijven.
Het verschil tussen een slijter en een wijnhandel is de specialisatie

Noteerder
O.m. verdwenen beroep bij de Beurs, iemand die de koersen bijhield, met krijt noteerde borden.
zie voor meer info de post van Foort dd. 03-03-2022

Oppasser infirmerie
Oppasser in verblijf voor zieken en gewonden in een klooster, abdij, gevangenis, kazerne e.d.
bron: ANW, Algemeen Nederlands woordenboek

Plaatsmajoor
naam van een niet-commanderend hoofdofficier in een garnizoensplaats of vesting, met administratie belast; ook: ondermajoor of plaatsmajoor van de 2de klas; soms: majoor ener plaats (Bron: Ensie.nl).


Plooister
Vrouw die genaaide en soms ook tevens platgestreken ribbels in een kledingstuk of gordijn aanbrengt. 

P(a)ruikmaker
Zie voor illustratie post van Foort 02-03-2022

Pontier
Brugwachter

Postiljon
Postbezorger of koerier

Postier
bij de Marine.

Wat ik begrijp de postverzorger/Facteur ook wel genoemd

Publieke vrouw
Oudste beroep ter wereld

Roeijer
Belastingcommies die accijns op alcohol (in vaten) moest berekenen.

Scheepstuiger
Persoon of bedrijf dat de tuigage aanbrengt op een schip; Dit omvat de masten en overige rondhouten, staand
en lopend wan, eventuele tuiglieren en dergelijke als ook de zeilen
bron: Binnenvaart.nl

Schoolmatres
Kleuterschoolhoudster

Schouwveger
Schoorsteenveger

Sint Jan
Sjouwer lid van het zakkendragersgilde
Voor een uitgebreide uitleg zie de Post van Foort dd 26-02-2022

Stadsbaas
Baas over de gemeentearbeiders.
Bron: het Groot Woordenboek der Nederlandse taal

Stoker (van het loodswezen) 
In de eerste helft van de 19e eeuw waren er in Nederland voor het loodsen van zeeschepen staatsloodsen en
loodsen die lid waren van particuliere loodsenverenigingen.
In 1852 werd een staatscommissie benoemd met de opdracht voor de loodsen een nieuwe organisatievorm te ontwerpen.
De commissie adviseerde één Rijks-Loodswezen waar alle loodsen in opgaan.
Na invoering van de Loodsenwet van 1859 viel het Loodswezen eerst onder het Ministerie van Marine en
later onder het Ministerie van Defensie.
Begin 1900 krijgt de Nederlandse Stoombootmaatschappij te Feijenoord de opdracht voor
de bouw van het eerste Nederlandse stoomloodsvaartuig.
En daarop was dan weer een stoker nodig om de ketels te stoken.

Stokman
Porde mensen wakker in de kerk (zie voor een mooi verhaal de post van  Foort 26-10-2021)

Stoofdrijver
voor de uitleg zie post van Foort van 17-02-2022

Suikerkoker
Iemand die werkzaam was in de suikerraffinage:
De verwerking van onzuivere ruwe suiker tot hoogwaardiger producten bestond uit vier hoofdbewerkingen: smelten, verwarmen en zuiveren, indikken, kristalliseren

bron: https://www.dbnl.org/tekst/lint011gesc01_01/lint011gesc01_01_0010.php

Surnumerair
Boventallig ambtenaar, aangesteld zonder bezoldiging als leerling, om later openvallende
plaats te bezetten. In het bijzonder bij de posterijen en/of belastingdienst

Tagrijn, Scheepstagrijn
Handelaar in tweedehands scheepsbenodigdheden

Tijman
Ook wel roeier iemand die op de kade behulpzaam is bij het afmeren van schepen (nog bestaand)

Tonnel(l)ier
Kisten- of tonnenmaker, kuiper

Tragelwachter
een tragel is een jaagpad, vermoedelijk een ambtenaar die op de toestand van het jaagpad toeziet.
Bron: debinnenvaart.nl

Tremmer
Man die de steenkolen uit het ruim haalt en in de machinekamer brengt

Verlofhouder
Bewijst hiermee dat hij of zij de schietsport beoefent (redelijk belang) en
zijn of haar vaardigheid met wapens op peil houdt.
Kijk voor meer informatie in de Circulaire Wapens en Munitie.

Verw(st)er
1. Ambachtsman werkzaam in de textielindustrie, belast met het verven van wol, linnen, katoen,
zijde e.d. en de daaruit vervaardigde weefsels als bijv. laken door onderdompeling in een verfbad
met kleur te doordrenken.
2. Ambachtsman die bouwwerken, gebruiksvoorwerpen enz. met verf bestrijkt
(huis- ,decoratie-, constructieschilder)

Vicaris
Plaatsvervanger van een geestelijk ambtsdrager.

Victaliemeester
Scheepsproviandverzorger

Vletter, vletterman of vletschipper 
Iemand die op een groentenvlet vaart of die met een vletschuit betrokken is bij dijken aanleg en het uitbaggeren van sloten en vaarten.

Vroedmeester
(Genees-, heel- en vroedmeester) Verloskundige; Beoefenaar der operatieve geneeskunde. De normale verloskunde werd eerst in hofdzaak
geheel vrij door vrouwen verricht. Deed zich bij een bevalling een ernstige complicatie voor, die vaak een goede
afloop in de weg stond dan wer de Vroedmeester (vaak ook Chirurgijn) er bij gehaald, wiens werk heel dikwijls
neerkwam op het operatief verwijderen van de dode vrucht.
Bron: Ensie.nl

Vuurwerkers
op de forten — zijnde thans bewaarplaatsen van materieel in vredestijd — de beheerders van het aldaar opgelegde materiee
Een andere definitie van een Adjudant-vuurwerker: een functie die wij tegenwoordig als officier munitietechnicus zouden noemen: een officier belast met het te allen tijde gereed en beschikbaar houden van het voor de artillerie noodzakelijke kruit en munitien

Water-en vuurvrouw
Voor uitleg van de Water- en Vuurvrouw heeft Foort een artikeltje gevonden (in het kader van de Education Permanente):https://onsamsterdam.nl/winterse-beroepen-de-water-en-vuurverkoper

Waterklerk
(nog steeds bestaande) medewerker van een rederij of cargadoorskantoor die optreedt
als contactpersoon tussen de wal en een schip en die voor het schip allerlei organisatorische
en administratieve zaken regelt
bron: wikipedia

Werkbode
inwonende knecht voor zware werkzaamheden. Hieronder vallen landbouwwerk, staldienst en dergelijke.
(Bron: Carl Denig, 2004. Van aakschipper tot zwikker. Gids van Historische beroepen.)

Wiedbaas of wijbaas
Heeft eenige wieders in zijne dienst heeft, en laat de akkers der landlieden door dezelven wieden
bron: dbnl.org

Zas- of Sasmeester
Sluiswachter, Zas (of Sasknecht) de knecht van de Zasmeester; het huis van de Sasmeester is het Sashuis

Zetschipper
Een schipper die vaart voor rekening van de eigenaar van het schip.

Ziekenvader 
Persoon die in een ziekenzaal of aan boord van een schip aan het hoofd staat van de verplegers.

Zoutzieder(sknecht)
Zie voor uitleg post van Foort 03-12-2021

 

 

 

 

 

  • yvonnelmc

    yvonnelmc

    Een oud artikel, maar geen oud beroep, grappig, of zou hier dan toch de dochter van de winkelier bedoeld worden?

  • Lucia

    Lucia

    Nee idd geen beroep hahaha

    Een winkeldochter is een onverkoopbaar artikel dat lang in een winkel ligt. In overdrachtelijke termen wordt het soms gebruikt voor een meisje dat niet getrouwd geraakt. Het is in sommige gevallen voor een klant interessant een winkeldochter te kopen, omdat het vaak nog een oude prijs heeft.

     

  • Foort

    Foort

    Zo komt er soms tóch nog eentje bovendrijven: 

     Een suikerkoker

    Iemand die werkzaam was in de suikerraffinage:

    De verwerking van onzuivere ruwe suiker tot hoogwaardiger producten bestond uit vier hoofdbewerkingen:
    -              smelten;
    -              verwarmen en zuiveren;
    -              indikken;
    -              kristalliseren.

    Bron: https://www.dbnl.org/tekst/lint011gesc01_01/lint011gesc01_01_0010.php

     

  • Foort

    Foort

    En nóg eentje:

    Huurhouder

    m. (-s), (Zuidn.) stalhouder, rijtuigverhuurder.

    Bron: Groot Woordenboek der Nederlandse Taal, 1950

     

  • Lucia

    Lucia

    Laatst bijgewerkt op: 



    Kan even niet vinden wat het betekent.

    Maar nu wel,
    in de mannelijke vorm, Venter of Straatkoopman