Post van Weldadigheid

Bent u één van die miljoen Nederlanders die een voorouder heeft in de Koloniën van Weldadigheid? Veel nazaten gaan op zoek naar het lief en leed van hun voorouders. Helpt u mee die gegevens vindbaar te maken?

Stand van zaken

  • 135.321 scans
  • 481 deelnemers

  • 57.429
    • 57.6% Onbruikbaar
    • 42.4% Dubbel ingevoerd
    • 42.4% Gecontroleerd
    Dubbel ingevoerd 100%
  • 57.429
    • 57.6% Onbruikbaar
    • 42.4% Dubbel ingevoerd
    • 42.4% Gecontroleerd
    Gecontroleerd 99.9%
Meedoen aan dit project
BMH

BMH

doopsgezind predikant en professor in plant- en landbouwkunde Jan Kops (Utrecht)

Laatst bijgewerkt op: 

Bovenstaande -in die tijd Bek.Ned-er schreef een brief in 1838 vanwege een baan in Veenhuizen. als ik het goed heb, want bij het googelen verdween de scan voordat ik hem goed kon lezen. Hij noemde ook wijlen P.Brouwer, een ander doopsgezind predikant.

groet, Bertheke.

  • Wil Schackmann

    Wil Schackmann

    Jan Kops heeft altijd veel met de Maatschappij van Weldadigheid te maken gehad, Bertheke.

    Eerst ging het fout. In 1819 werd hij benoemd tot honorair lid en... dat wilde hij niet. Petrus Ameshoff schreef: 'Het bedanken van den hoogleeraar Kops voor zijn lidmaatschap heeft veel sensatie in Utrecht veroorzaakt.' En toen hem gevraagd was wat er aan de hand was, schreef Jan Kops in het altijd wat verhullende - wat je wilt niet in 'een twist' geraken, dat doen heren niet - taalgebruik van die tijd: 'doch met de aanneming van hetzelve lidmaatschap zou ik moeten gerekend worden, te treden in dezelfde maatregelen, welke de Maatschappij genomen heeft. Ik meen echter alsnog van dezelve in dezen te moeten verschil­len, gelijk ik reeds met alle bescheidenheid heb te kennen gegeven in een advies, ter laatstgehou­dene Algemeene Vergadering van de Hollandsche Maatschappij der Wetenschap­pen op eene prijsverhandeling over dit onderwerp door mij uitgebragt. Ik zou dus een onbestaanbaar gedrag houden, wanneer ik als lid honorair de Maat­schappij optrad.'

    Daarna veranderde er iets. Hoe weet ik niet. Het zou best kunnen dat Johannes van den Bosch een keer met hem is gaan babbelen, dat soort acties deed die wel vaker, maar hoedanook werd hij een vooraanstaand lid. In 1823 bezocht hij als lid van de Commissie van Toevoorzigt de koloniën en schreef daar een groot verslag over dat door de Maatschappij met trots werd gepubliceerd en later voortdurend geciteerd, want als Jan Kops zegt dat ze het goed doen qua landbouw, dan zegt dat wel wat.

    In dat verslag heeft Kops het vooral over landbouwkundige zaken, want dat is zijn vak, maar af en toe geeft hij ook zijn mening over opvoeding. Hoe vinden jullie bijvoorbeeld deze: 'Verarmde, verachterde en dikwijls door ellende verlaagde menschen moeten met kinderen gelijk gesteld worden; hun regels van onthouding voor te schrijven, hen onophoudelijk te surveilleren, en in den beginnen onverbiddelijk streng te wezen, is voor hen eene weldaad.'

    In later jaren werd hij af en toe over landbouw en gewassen geraadpleegd. Dat hij nu is 1838 weer opduikt vind ik heel leuk.

    Hartelijke groet,

    Wil


  • BMH

    BMH

    ...een niet zo gemakkelijke man, dus, die bij veel tijdgenoten gesprekstof opwierp als ik zo zijn biografie naloop!