Fredrik Willem Sappé en Jacobus Baalde passeren in de Warmoesstraat bij de Papenbrugsteeg Theodorus Willebrordus Burgmeijer. "Dag Burger Baalde," zegt die tegen Jacobus (op zich al potsierlijk), waarna hij ook iets tegen Sappé zegt, dat deze als 'sodomiet' verstaat.

"Wat zeg je, dat ik een sodomiet ben?", waarop Burgmeijer antwoordt: "Neen, ik zeg dat jij een van die slemieren bent." Waarop 'eenige woordentwist ontstaan is'.

Even later vallen er klappen. Sappé, die zich 'in den ingang van de woning van den burger Cattermolen, kastelein in het logement de Tweede Liesveldse Bijbel geretireert heeft, uit vreeze dat Burgmeijer hem mogt slaan en hij het zelve wilde ontwijken'. Die vrees blijkt niet ongegrond: Burgmeijer geeft hem een 'force slag in het aangezigt', zodanig dat zijn mond bloedt.
Die Burgmeijer ben ik van de week al eens eerder tegengekomen in een andere attestatie waarin hij iemand geslagen had. Losse handjes, kennelijk. Wat een 'slemier' was heb ik niet kunnen vinden. (Wel 'Schlemiel', maar dat wordt pas 100 jaar later gesignaleerd volgens WNT)
Hoe dan ook, een compliment zal het zeker niet geweest zijn.
PIETER LIJNDRAJER 1795-1830 - 1 - Beginner - 18588 - (1797-1797) - A15463000010 - A15463000011